Dit artikel verscheen eerder in de DEMO jaargang 27 editie 2 en werd geschreven in samenwerking met Beer Sijpesteijn en Jeroen Slobbe.

Hoewel tegenwoordig de digitale wereld een steeds prominentere plek inneemt in de Nederlandse samenleving, wordt het keer op keer weer pijnlijk duidelijk dat de kennis van zaken daarvan in wetgevend Nederland onder de maat is. Ook binnen de gelederen van de Jonge Democraten verdient de kennis van informatietechnische zaken en de gevolgen van beleid op dit gebied een onvoldoende. Op beschamende wijze kwam dit aan de orde tijdens het afgelopen congres, tijdens de bespreking van de Wikileaks-motie. Daarom voelen wij ons geroepen om een drietal belangrijke en actuele problemen aan de orde te stellen: netneutraliteit, digitaal activisme en privacy.

Netneutraliteit: de kracht van het internet
Stel je voor: het is maandagochtend en je moet naar je werk. Je gooit snel een kop koffie achterover en springt op de fiets naar het station. Daar aangekomen loop je langs de poortjes van de OV-chipkaart en check je in. Tot nu toe is er niets aan de hand (we hebben het nu even niet over de problemen van de kaart), maar dan begint
het feest. Omdat jij op weg bent naar een klein advocatenkantoor dat geen extra geld betaalt aan de Nederlandse Spoorwegen mag je alleen met de langzame stoptrein daar naartoe reizen. Vervolgens komt je buurman eraan. Hij werkt voor internationale advocatenfirma en zijn werkgever betaalt wel grof geld aan de NS. Hij mag dus wel met de intercity op reis, naar hetzelfde station als waar jij heen moet.

Toegegeven, het voorgaande verhaal klinkt wat irrealistisch, maar geeft wel degelijk de essentie weer van de problematiek die ten grondslag ligt aan het ontbreken van netneutraliteit. Netneutraliteit is het principe dat elke beheerder van de infrastructuur van het internet alle data gelijkwaardig behandelt: het net staat neutraal tegenover de data. Dit betekent dat als ik Google bezoek mijn internetprovider deze data hetzelfde naar mij stuurt als wanneer ik de website van dat kleine advocatenkantoor  bezoek. Natuurlijk kan Google wel zorgen dat zij een grotere capaciteit heeft (in het spoorvoorbeeld zou dat bijvoorbeeld meer balies betekenen), maar er zal een speciale fast-lane worden aangelegd om extra snel bij Google te komen.

Het verdwijnen van netneutraliteit is niet een angst voor de toekomst, maar juist zeer actueel. Zo heeft de FCC, de telecomwaakhond van de Verenigde Staten, een motie aangenomen om onderscheid te gaan maken tussen gewoon internetverkeer en internet verkeer met hogere prioriteit op mobiele netwerken.

Onlangs bleek dat KPN haar abonnees afluisterde met behulp van Deep Packet Inspection. De privacyaspecten hiervan komen later aan de orde, maar laten we ons eerst eens richten op het doel van deze actie. Op deze wijze kan de KPN namelijk verschillende tarieven hanteren voor verschillende diensten.

Het ontbreken van netneutraliteit kan leiden tot monopolistengedrag. Grote bedrijven kunnen de toegang tot het internet en de weg naar succes voor kleine bedrijven en nieuwkomers sterk verzwaren. Dat zou de hele kracht van het internet ondermijnen, omdat juist toegankelijkheid de belangrijkste kracht is van het internet. Een concreet voorbeeld hiervan is de extra heffing door KPN op applicaties als VOIP en WhatsApp. KPN blokkeert op die manier innovatie in plaats van zelf te innoveren. Als liberaal is het belangrijk om te weten wanneer je in moet grijpen in de vrije markt. Op het moment dat de vrijheid van meningsuiting in gevaar komt, is het moment daar. Zonder netneutraliteit zou een krantenjongen veel meer geld kunnen vragen voor het bezorgen van de Volkskrant dan voor de Telegraaf, omdat die krantenjongen het nu eenmaal niet zo heeft op sociaaldemocraten. Kortom, een wereld zonder netneutraliteit werkt censuur in de hand.

Samenvattend: als je voor informatie- en persvrijheid bent en voor een vrije markt met eerlijke concurrentie, dan is netneutraliteit van wezenlijk belang.

DDoS: het moderne demonstreren
De Jonge Democraten hebben in het begin van dit jaar het kantoor van de LSVb bezet als protest. Natuurlijk zijn de bezetters daar door de politie weggestuurd, maar het zou erg dubieus zijn geweest als deze JD’ers het met een langdurige celstraf hadden moeten bekopen. Waarschijnlijk hebben de meeste lezers wel eens gehoord van de losjes georganiseerde groep Anonymous. In zekere zin is Anonymous de bekendste protestgroep van het internet: ze demonstreert veel en voor bepaalde idealen, maar dan op het internet.

Laten we eerst kort uiteenzetten wat DDoS’en, oftewel Distributed Denial of Service aanvallen, is. In tegenstelling tot wat velen denken is dit namelijk geen vorm van digitale inbraak, oftewel hacken. Een DDoS-aanval maakt een website tijdelijk onbereikbaar door in korte tijd met veel computers tegelijk deze website op te vragen. Dit valt goed te vergelijken met de acties van varkensboeren die de toegang tot slachterijen blokkeerden, alleen dan digitaal.

Sinds begin dit jaar probeert het openbaar ministerie DDoS-ers te vervolgen met Artikel 161-secties (maximaal 6 jaar gevangenisstraf) in plaats van Artikel 138b (maximaal 1 jaar gevangenisstraf). Beide situaties zijn krom, want als je de analogie trekt naar de echt wereld is een DDoS-aanval niks anders dan een vreedzame demonstratie, waarin mensen voor een korte periode hun ongenoegen uiten door gezamenlijk voor een locatie te demonstreren en na afloop vreedzaam huiswaarts te gaan, zonder daarbij schade te hebben aangericht.

Samenvattend: het enige huidige verschil tussen digitaal en fysiek demonstreren is dat op de eerste variant momenteel een gevangenisstraf staat van 6 jaar en dat fysiek demonstreren gezien wordt als een van de hoogst verworven rechten in een goed functionerende democratie. Daarom willen we er voor pleiten om deze kromme
regelgeving recht te trekken door DDoSaanvallen voor demonstratie-doeleinden gelijk te stellen aan fysiek demonstreren.

Deep Packet Inspection: geen ver-van-je-bed-show
Het eerder genoemde Deep Packet Inspection (DPI) is een overduidelijke schending van het briefgeheim. Met deze technologie wordt namelijk de inhoud van de data die je over het internet stuurt onderzocht; oftewel, de postbode bekijkt de inhoud van jouw brieven en niet alleen het adres. Onder netneutraliteit zagen we al hoe de postbode deze informatie kan misbruiken om brieven van dat kleine advocatenkantoor te vertragen, maar nu zien we ook dat onze privacy ernstig geschonden wordt. KPN heeft de kritiek afgedaan als onwaar door te zeggen dat zij niet naar de inhoud, maar naar de toepassing van de data kijkt. Ook dit is verkeerd: een internet service provider heeft de verantwoordelijkheid de klant van een zo goed mogelijke verbinding met internet te voorzien, ongeacht wat de klant op het internet wil doen.

Een volgende toepassing van DPI is censuur. In China wordt de techniek al gebruikt om delen van het internet af te schermen. Ook dit is helaas geen ver-van-mijn-bed-show. Het CDA, een pionier op het gebied van censuur, probeert constant technieken als DPI in te voeren onder het mom van bestrijding van kinderporno en terrorisme. Ook de Europese Unie is bezig met een plan om een zogenaamde Europese firewall, de Schengen Wall, in te voeren.

Als het om zaken als kinderporno gaat, durven mensen al snel geen vragen meer te stellen, maar toch is het argument van censuur vals. Sterker nog, het werkt contraproductief, aangezien het de website waar de verwerpelijke inhoud op staat onaangetast laat en er slechts voor zorgt dat Nederlanders de site niet meer kunnen
bezoeken. Dit leidt tot een verplaatsing van de recherchecapaciteit, waardoor het echte probleem niet meer opgelost wordt. Ten tweede is het noodzakelijk om bij te houden wat gecensureerd wordt om te voorkomen dat ook politieke opinies gefilterd worden. Deze lijst is een handige samenvatting voor de afnemers van deze verwerpelijke inhoud, aangeleverd door de Nederlandse staat. Als laatste wordt hiermee eigenlijk alleen de gewone burger in zijn privacy en vertrouwen getroffen. De aanbieders van dit zeer illegale materiaal zitten voornamelijk op zogenoemde darknets, van het publieke internet afgesloten en zwaar beveiligde privénetwerken.

Samenvattend: Deep Packet Inspection schendt de privacy van de burger. Daarnaast werkt censuur met behulp van DPI contraproductief als het om criminaliteitsbestrijding gaat.

Conclusie
Het moge duidelijk zijn dat, gegeven de huidige sterk geautomatiseerde wereld, een goede kennis van technologische zaken belangrijk is voor politici. Om wetgeving
te maken die generiek en herbruikbaar is, is het noodzakelijk om een goed beeld te hebben van de wijze waarop technologie werkt.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *